2021 TEN TO TEN
SV OOSTERBEEK TEGEN SV DE TOREN
Op de avond van de belangrijkste dag van het jaar – verkiezing van de Raad van Elf, en verder nog Sint Maarten – , toog een afvaardiging van De Toren naar Oosterbeek voor een vriendschappelijke “Ten to Ten” wedstrijd. We werden verwacht en ontvangen in een zaal van de Vredebergkerk, in een andere zaal, direct naast de ingang gelegen, werd een andere denksport beoefend: bridgen. Wij daarentegen gaven er de voorkeur aan om ons met de stukken te vermaken in plaats van een kaartje te leggen.
De meeste ploeggenoten waren vroeg(tijdig) binnen, dus we konden moeiteloos acclimatiseren. Na een welkomstwoord stortten we ons op de partijen, en voor het gemak zal ik ze gewoon op “bordvolgorde” bespreken.

Bord 1: Hier mocht Fred Beumer aantreden, hij had wit en verkreeg weliswaar het iets betere spel in wat een dynamisch evenwicht kan worden genoemd. Dit evenwicht werd echter nergens uit balans gebracht, en dus was remise het terechte resultaat in deze ontmoeting. ½ – ½
Bord 2: Hier mocht René Reulink de degens kruisen met zijn tegenspeler. Helaas bleek gaandeweg de partij dat zijn tegenspeler over iets meer (ge)degen-handvaardigheid beschikte. Dit resulteerde in een voor René duidelijk mindere stelling, en uiteindelijk in het overhandigen van de degen als teken van overgave. 1 – 0
Bord 3: Zelf zat ik aan het derde bord, had dus ook wit en besloot deze vriendschappelijke wedstrijd voor een feestelijke partij te gebruiken. Spontaan speelde ik 1. e4, waarna mijn tegenspeler met 1. e5 antwoordde. Laat ik eens gek doen, dacht ik, en speelde vervolgens 2. f4, waarop middels dit Koningsgambiet een onnavolgbare Wild-West partij volgde, voorzien van op hol geslagen Paarden, ongedekte Lopers en twee Dames, die elkaar van het bord af mepten met hun respectieve handtasjes. Uiteindelijk bleek ik met wit aan het langste einde te trekken, en met een loper en twee (vrij!) pionnen minder hield mijn tegenspeler het wel voor gezien. En omdat we allebei vroeg klaar waren, konden we ons dus volop vermaken met het bestuderen van de andere partijen. 0 – 1
Bord 4: Hier mocht Franke van Netten met zwart aantreden tegen een oude bekende van ons: Adem Korkut. Gaandeweg kwam Franke steeds beter te staan, had op een gegeven moment zelfs de mogelijkheid om een vol stuk te winnen maar zag dit (helaas) niet. Uiteindelijk werd, na de nodige schermutselingen, de vrede getekend. ½ – ½
Bord 5: Hier trad ons nieuwe lid Storm Wieberdink aan en deed een manmoedige poging om voor de strijd te gaan. Helaas verslikte hij zich vrijwel direct na het voltooien van de opening in een verkeerde inschatting, en moest toen noodgedwongen de vlag strijken. 1 – 0
Bord 6: Bespreek ik als laatste, zie onderaan deze pagina.
Bord 7: Thomas van Diggelen zag zich, na een misgreep, voor een zeer lastige uitdaging geplaatst. Hij liet zich echter niet zomaar in de hoek drukken en zocht de aanvallende verdediging, waar hij maar kon. Zijn tegenspeler moest hierdoor voortdurend alert blijven, wat hem (helaas voor ons) goed gelukte. Hierdoor delfde Thomas uiteindelijk toch (nog) het onderspit, maar had in elk geval het onderste uit de kan gehaald. 1 – 0
Bord 8: Hier trad onze getalenteerde jongeling Alain met zwart aan tegen zijn Oosterbeekse tegenspeler. Hij bouwde middels een min of meer geforceerde zettenreeks een door hem gewenste stelling met een pluspion, een loperpaar en een iets betere positie op. Zijn tegenstrever bleef onterecht optimistisch en speelde daar ook min of meer naar, het gevolg was dat Alain uiteindelijk met een tweetal koningsvleugelpionnen (ondersteund door zijn zwartloper) gevaarlijk dicht bij de onderste rij kwam. Pas toen het de witspeler duidelijk werd dat deze pionnen hem toch echt één of meer stukken gingen kosten, hield hij het voor gezien en gaf het op. 1 – 0
Bord 9: Hier speelde Gerjan Brands, onze Eminence Grise. Gedurende een zeer lange tijd ging het hier opvallend genoeg vrijwel gelijk op, pas in het verre middenspel groeiden de vele mogelijkheden hem boven het hoofd, waarna de zwartspeler kans zag om in troebel water te gaan vissen en de buit binnen te halen. 1 – 0
Bord 10: Hier spelde Ferdi Berendsen, fris van de lever, met zwart een zeer levendige aanvalspartij. En hoewel hij aanvankelijk voor een verkeerde afwikkeling koos, die hem eigenlijk materiaal kostte, slaagde hij er alsnog in om zijn tegenstrever in de val te laten lopen, waarna deze alsnog kon opgeven. 0 – 1
Bord 6: tsja, en dan nu het zesde bord. Hier speelde Ad Braam met wit een positioneel zeer aantrekkelijke partij, waarvan ik aanvankelijk dacht dat hij niet alleen honderd zetten, maar ook honderd jaar zou kunnen (gaan) duren. Op een gegeven moment echter zag ik dat Ad niet alleen over veel meer ruimte beschikte, maar dat hij de zwarte stukken op zo’n kleine ruimte had weten samen te persen dat stukverlies voor zwart niet meer te vermijden was. Uiteindelijk werd het nog spannend doordat Ad niet alleen als laatste nog bezig was, maar ook zijn bedenktijd bijna voortdurend op twee minuten bleef steken. Toen hij echter eenmaal een tweede vrijpion forceerde was het gebeurd en gaf zwart op. Met een koning zonder stukken was deze opgave simpelweg een “over en uit”. 0– 1
Aldus eindigde deze aantrekkelijke vriendschappelijke wedstrijd in een eerlijk gedeeld puntental, en werd de “Ten to Ten” ontmoeting uiteindelijk een verdiende “Five to Five” score.
