Beste schaakvrienden,

Bij het schaken leer je dat blijdschap en teleurstelling dicht bij elkaar liggen…. Maar volgens de Olympische gedachte is dat 'Meedoen belangrijker is dan winnen,' Goed genoeg proza, en nu ter zake. De ronde 6 is gespeeld, en ja de nieuwe kopman is Laurens. Hij wist in 4 partijen, 4 punten binnen te halen. Direct gevolgd door René met 4 punten uit 5 partijen, daarna volgen Fred en Jan ieder met 4 punten uit 6 partijen. Dus alles is nog mogelijk op naar de 7 ronde !

Schaken is cool !

Hieronder de uitslagen van periode 1 ronde 6.

Arie Schouten

-

Jan Schoemaker

½-½

Olivier Bruning

-

Laurens Storms

0 – 1

Cesar Eisma

-

René Reulink

0 – 1

Rolf Hendriks

-

Arthur Ornée

½-½

Hans Donker

-

Adem Korkut

1 - 0

Peter Koelman

-

Lennard harris

0 - 1

Gerjan Brands

-

Thomas van Diggelen

0 - 1

Fred Schonis

-

Bert Maas

1 - 0

Wim Flohr

-

Ferdi Berendsen

1 - 0

Interne Competitie

R.1

R. 2

R.3

R.4

R.5

R.6

Totaal

1

Laurens Storms

1

 

1

1

 

1

4

2

Rene Reulink

0,5

1

0,5

 

1

1

4

3

Fred Schonis

0,5

1

0,5

1

0

1

4

4

Jan Schoemaker

0,5

1

0

1

1

0,5

4

5

Arie Schouten

0

1

1

1

0

0,5

3,5

6

Hans Donker

1

1

0

 

0

1

3

7

Rolf Hendriks

0

1

1

0

0,5

0,5

3

8

Tom Brans

1

0

 

1

1

 

3

9

Arthur Ornée

0

1

0,5

0,5

 

0,5

2,5

10

Bart van den Akker

1

 

0,5

1

0

 

2,5

11

Cesar Eisma

1

0

0,5

1

0

0

2,5

12

Lennard Harris

 

0

0,5

0

1

1

2,5

13

Raimond Vastenhout

1

0

 

0,5

1

 

2,5

14

Adem Korkut

 

1

0

 

1

0

2

15

Ferdi Berendsen

1

 

0

0

1

0

2

16

Thomas van Diggelen

0,5

0

 

0,5

0

1

2

17

Franke van Netten

0

0

1

 

0,5

 

1,5

18

Gerjan Brands

0

0

0,5

1

0

0

1,5

19

Bert Maas

 

0

1

0

 

0

1

20

Eef Top

 

1

0

0

0

0

 

1

21

Gert Visser

 

1

       

1

22

Olivier Bruning

   

0,5

0,5

 

0

1

23

Ron Engelen

 

1

 

0

   

1

24

Theo Giesbers

0

     

1

 

1

25

Tim Schlechter

 

0

   

1

 

1

26

Wim Flohr

0

   

0

0

1

1

27

Ad Braam

       

0

   

0

28

Fred Beumer

0

         

0

29

Peter Koelman

         

0

0

Jan Schoemaker

Na een lange periode van ziekte stapte ik bij het begin van het seizoen 2019/2020

weer bij De Stenen Kamer binnen om de algemene ledenvergadering van onze

schaakvereniging De Toren bij te wonen en daarna weer eens een partij schaak te

spelen.

Wat een verrassing. Ik dacht dat ik een nieuwe vereniging binnen stapte. Zoveel

nieuwe gezichten. Bijzonder!  Toen ik door mijn ziekte niet meer de

verenigingsavonden kon bezoeken was er een zeer fanatieke doch redelijk klein

aantal leden, en natuurlijk was er de wens meer leden te werven. Dat zou dan ook

bewerkstelligen dat er op elk niveau meer mensen kwamen waartegen je kon spelen.

Dat begin is er zeker gemaakt. Hulde voor de voorzitter die veel aandacht en wegen

heeft gevonden nieuwe leden te bereiken. Hopelijk zet zich de aanwas nog even

door. Daar waar veel verenigingen kampen met ledenverlies zien wij dan toch kans

om te groeien.

Buitengewoon. Ga zo door.

Fijn alle oudgediende weer gezien te hebben en fijn zoveel nieuwe gezichten te zien.

Penningmeester

De penningmeester vraagt aandacht voor de contributiebetaling.

De eerste afdracht naar de Bond/KNSB heeft reeds plaatsgevonden en vergt een

aanzienlijk bedrag. Nog lang niet ieder heeft zijn contributie betaald. Graag aandacht

hiervoor en een zo spoedig mogelijke betaling.

Zijn er problemen, vragen of heb je (nog) geen contributiemail ontvangen neem dan

even contact op met de penningmeester (Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.).

De schaaktweekamp Euwe-Donner 1955-1956

of: Max Euwe’s laatste kampioenschap

door Cesar Eisma

Precies een eeuw geleden, in 1919 debuteerde de belangrijkste schaker van Nederland, de

toenmalige wiskundestudent Max Euwe op 19-jarige leeftijd bij het Nederlands

Kampioenschap Schaken. Euwe werd gedeeld tweede met 4,5 punten uit 7 partijen. Lang

niet slecht voor een debutant. “Zijn spel was indrukwekkend, maar miste zijn latere

consistentie”, aldus een analist. Het werd nog mooier: bij het volgende Nederlands

Kampioenschap in 1921 werd Euwe eerste met 5,5 uit 7. En inderdaad, zijn speelsterkte

bleef daarna consistent: Euwe zou tot 1956 vrijwel continu Nederlands kampioen blijven met

maar liefst 12 landstitels, een ongeëvenaard aantal die strekt over de jaren 1921-1924-1926-

1929-1933-1938-1939-1942-1948-1950-1952-1955. Daarmee domineerde Max Euwe 35 jaar

lang het schaken in Nederland. Alleen zijn schaakvriend Salo Landau werd tussendoor

Nederlands kampioen: in 1936 in Rotterdam en ongeslagen. Dat jaar deed Euwe niet mee.

Die was in 1935 net wereldkampioen geworden en in 1937 zou zijn revanchematch tegen

Aljechin plaatsvinden.

Wist u, dat Euwe in 1934 serieus overwoog of zelfs al besloten had om te stoppen met het

veeleisende toernooischaak? Om zich verder te kunnen richten op de wetenschap? In 1926

was hij cum laude gepromoveerd in de wis- en natuurkunde en sindsdien spreken wij over

Dr. Max Euwe. Hij koesterde de ambitie om hoogleraar in de wiskunde te worden. Maar hij

kwam in 1935 in de gelegenheid om tegen de toenmalig wereldkampioen Aleksandr Aljechin

een match om het wereldkampioenschap te spelen. De match zou om 30 partijen gaan.

Aljechin verwachtte dat hij gemakkelijk van Euwe zou winnen, maar Euwe won! Weliswaar

met het krapst mogelijke verschil: 15,5-14,5, maar toch, hij won! Hij werd onze

wereldkampioen schaken! En dat nog wel als amateur. Tot dusver is hij de enige

wereldkampioen schaken geweest die geen beroepsschaker was. En wat mogen wij,

schakers, toch blij zijn dat Euwe zijn hobby (!) schaken met zijn werk in de wiskunde en later

in de informatica, waarin hij in 1964 hoogleraar is geworden, heeft weten te combineren.

Zonder deze gewonnen WK-match was er wellicht geen Euwe-effect geweest. Dan was het

schaken in Nederland misschien maar een kleine denksport. En waren wij misschien

helemaal geen schaker geworden. Maar dammer. Maar je weet het niet. Wij hadden immers

nog Donner? En Timman? En Giri? “Het spel van Euwe was zo helder als de oplossing van een

wiskundig vraagstuk. (…) De belangstelling voor het schaken is door de talloze publicaties

van Euwe enorm toegenomen.”, aldus citaten die Silbermann en Unzicker verzamelden.

DtE01

Tot zover de inleiding. Dan het verhaal achter deze mooie zwart/wit-foto. Zwart/wit, hoe

kan het ook anders... We zien twee keurige en serieuze heren in opperste concentratie flink

over een schaakbord gebogen. Tegenover Euwe met wit zien we een nog jonge Donner, nog

zonder zijn latere, kenmerkende baard. Weet u dat ik hem niet eens herkende? Bij Euwe

staat een kop en schotel, bij Donner ligt een geopend pakje sigaretten. Waarschijnlijk

bovenop een extra pakje. Op de achtergrond een ruit. Het is donker buiten. De foto is zo

karakteristiek, dat ik er informatie over ben gaan opzoeken. Ik vond het volgende.

In 1954 was Jan Hein Donner in het Amsterdamse hoofdbureau van politie voor het eerst

Nederlands schaakkampioen geworden. Nipt voor Euwe, die werd met een punt minder

gedeeld tweede. Donner won weliswaar het kampioenschap, maar hij won de onderlinge

partij met Euwe niet. Die werd remise. Euwe daagde daarop Donner uit voor een

schaaktweekamp om de volgende Nederlands schaaktitel. Euwe beschouwde zich als

voormalig wereldkampioen de beste schaker van Nederland en hij maakte gebruik van zijn

recht om een revanchematch te eisen. Hij was toen 54 jaar en uitdager van de jong en fris

ogende Donner, 28 jaar oud. Sponsors waren direct bereid om de organisatie financieel te

steunen en maakten daarmee de tweekamp mogelijk. En Donner ging akkoord.

De tweekamp ging om 10 partijen die verdeeld werden over 10 speeldagen: van 27

december 1955 t/m 7 januari 1956. (Als ik Oudjaar en Nieuwjaarsdag als vanzelfsprekend

wegstreep, kom ik tot elke dag een partij die soms wel zes uur duurde. Dat lijkt me pittig,

CE.) De partijen werden ’s avonds gespeeld op de redactie van dagblad Het Binnenhof te Den

Haag en wel op de 1e verdieping, expres voor een grote ruit. Zo kon het gebeuren, dat er

geregeld honderden mensen buiten op straat naar de twee schakers achter de ruit boven

hen stonden te kijken. Op de begane grond deden grote ruiten dienst als

demonstratieborden, speciaal voor het publiek. En ook binnen op de begane grond konden

de jeugd en het algemene publiek meegenieten. Men kon de op het demonstratiebord

getoonde voortzettingen van de partijen volgen en meespelen op zelf meegebrachte kleine

en nog kleinere schaakbordjes. Ook vanuit de pers was er veel belangstelling voor deze

tweekamp. Voor de journalisten in de persruimte stond er een demonstratiebord opgesteld

en er werd commentaar bij gegeven. Diverse dagbladen deden dagelijks verslag. Op de

speeldagen schonken de hiervoor speciaal verenigde radiozenders er toegewijde aandacht

aan. De pers behandelde deze match als van nationaal belang! Afhankelijk van de duur van

de partij, die moest dan wel voor 23.00 uur afgelopen zijn, toonde Euwe zich zelfs

bereidwillig om bij een demonstratiebord voor de aanwezigen een analyse van de zojuist

gespeelde partij te geven. In zijn commentaar toonde hij, heel sportief, ook kritiek op zijn

eigen spel.

Op YouTube staat een zwart/wit-filmpje, alweer zwart/wit, hoe toepasselijk, van 1,38

minuten van het Polygoonjournaal die een aardige impressie over de wedstrijd geeft. De

link:

https://www.youtube.com/watch?v=y3a8ySYJblM

Hieronder volgt de gesproken tekst, mocht u het filmpje overslaan:

“Zo zaten in een glazen huisje tien avonden lang de 28-jarige Nederlandse kampioen Jan Hein

Donner en zijn uitdager de 54-jarige Dr. Max Euwe in Den Haag te schaken om de nationale

titel. Behalve de pers kreeg niemand de rivalen te zien. Voor het publiek was er een

demonstratiebord. In de 7e partij kon de beslissing vallen. Op die avond waren onder anderen

Fenny Heemskerk (landskampioene bij de vrouwen en tot 1960 onbetwist de sterkste

speelster van Nederland, ce) en de Argentijnse grootmeester Pilnik aanwezig. Ook

grootmeesters in de dop volgden hongerig het verloop van deze spannende partij of

analyseerden uit de krant nog eens de vorige partijen. Zo groot was de belangstelling voor

deze titelmatch dat zelfs op straat talloze schaakliefhebbers de verrichtingen der kampioenen

volgden. Euwe, die met wit speelde, bereikte een toreneindspel waarin hij twee pionnen meer

had. Na de 54e zet van wit zag Hein Donner het hopeloze van de situatie in en gaf op. Dr.

Max Euwe was opnieuw schaakkampioen van Nederland. Tijdens het diner na afloop van het

toernooi bood burgemeester Schokking beide spelers onder andere een boekwerk aan. Het

gerucht dat het een schaakleerboek zou zijn, wordt tegengesproken. Euwe en Donner namen

tenslotte als goede vrienden afscheid van elkaar. Donner: ‘Gran’ Maître, gefeliciteerd. Ik heb

verloren, maar we hebben mooi gestreden.’ Euwe: ‘Heel hartelijk dank. Het heeft me wel

meegezeten, maar volgende keer beter Hein’. Donner: ‘Dank u.’”

Donner zei daar later zelf over: "Mijn naam is J.H. Donner, voor mijn vrienden 'Hein'.” Hij was

gewend om Euwe vol ontzag Gran’ Maître te noemen. Volgens schaakjournalist Max Pam

had Donner heilig ontzag voor Euwe, de eerste en toen enige Nederlandse

schaakgrootmeester.

Verder is er op YouTube een heel bijzonder z/w-filmpje van maar liefst 3 minuten over de

match te zien. Dan moet u wel beseffen, dat ons geliefde onderwerp schaken het állereerste

item van de állereerste uitzending van het NTS journaal was dat op 5 januari 1956 werd

uitgezonden. Sinds 1969 heet dat programma het NOS Journaal zoals wij dat nu kennen. Het

is toch fantastisch dat ons schaken het eerste item was? En dan zo lang! 3 Minuten maar

liefst. Alle onderwerpen daarna in het filmpje duren maar 1 minuut, om het maar even in

perspectief te zien. De wedstrijd was een gedenkwaardig moment en zo is het schaken met

deze tv-uitzending een onderdeel van onze nationale geschiedenis geworden. Schaken als

een soort cultureel erfgoed. En dan te bedenken dat er toen nog nauwelijks televisies waren.

Wanneer kreeg u er bijvoorbeeld een? Omstreeks 1961 waren er één miljoen toestellen in

gebruik en werd er ruim twintig uur per week uitgezonden. Het filmpje vertoont nostalgische

beelden. Donner mocht tijdens de partij gewoon aan het bord (ketting)roken en stak er al

een op toen Euwe de eerste zet van hun eerste partij van deze match deed. En Euwe? Die at

gemengde noten en fruit, maar dat zien we niet. Uiteraard werd er nog een analoge klok

gebruikt. Veel van de jongere schakers hebben er misschien nog nooit een gezien. De

Nederlandse uitvinding van de digitale klok van het merk DGT Projects (Digital Game

Technology) werd officieel door de Fide goedgekeurd en in de loop van de jaren 90 werd die

klok populair en wereldwijd gemeengoed. Weet u nog wanneer u op een digitale klok

overstapte? En hoe dat beviel?

Dit is de link:

https://www.youtube.com/watch?v=JYyRbP17xnw

Voor het geval u niet in de gelegenheid mocht zijn het tweede filmpje te bekijken, volgt hier

de gesproken tekst:

“Reeds na 7 van de op 10 partijen bepaalde schaaktweekamp om het kampioenschap van

Nederland heeft de 54-jarige oud-wereldkampioen en uitdager Dr. Max Euwe een beslissende

voorsprong van 5,5 tegen 1,5 punt behaald op z’n 28-jarige tegenstander Jan Hein Donner.

Het toernooi dat in Den Haag gespeeld wordt, is gisteravond beslist doordat Dr. Euwe ook de

7e partij won.

DtE02

De voorbereiding tot de strijd heeft in den huize Euwe tot onverwachte consequenties geleid.

Hierover verhaalt u de dochter van Dr. Euwe, Caroline:

”’Ze hebben het wel druk hier in Den Haag. De dagelijkse omgeving waarin mijn vader zich

pleegt voor te bereiden op wedstrijden, ziet er aanmerkelijk rustiger uit. Nou ja, rustig …. Er

staat het een en ander op z’n kop. Omdat we al die drukte om een onnozel schaakspelletje (!)

zo’n onzin vonden, hebben we uit reactie maar wat dingen op hun kop gezet. …. (fragment

ontbreekt, c e. Onderste)boven zijn gehangen, hebben we besloten dat zo maar te laten als

hij van Donner mocht verliezen. Dat winnen van Donner zou overigens een ramp betekenen,

want hij heeft aangekondigd dat hij dan in de rechten van mijn vader zal treden en al onze

dierbare meubelstukken, die hij afschuwelijk vindt, naar buiten zou laten takelen. Toch

hebben wij niet alles op z’n kop gezet. De eindstand van de partij waarmee mijn vader in

1935 het wereldkampioenschap op Aljechin veroverde, hebben wij in ere gehouden.’

Even over 7 uur werd vanavond in de 8e partij tot remise besloten bij de 16e zet waardoor de

stand 6-2 voor Euwe geworden is. In den huize Euwe is inmiddels alles op zijn pootjes terecht

gekomen.”

 

Het is overigens erg aardig om het filmpje even te bekijken. U krijgt dan toch wel een uniek

inkijkje in de schaakadministratie van Euwe. En ik vond het hilarisch om alle voorwerpen te

zien die in huis daadwerkelijk op hun kop zijn gezet, zoals schilderijen waaronder een

prachtig portret van een nog jonge, nadenkende Euwe. Erg jammer dat het geen

kleurenfilmpje is.

Na de match vond er dus een diner plaats, aangeboden door het Haagse gemeentebestuur,

waarbij de KNSB de hernieuwde landskampioen schaken Dr. Max Euwe tot erelid benoemd

heeft. Voor de inhoud van de toespraak verwijs ik u naar de website van het Max Euwe

Centrum in Amsterdam (die sinds september 2019 een nieuwe voorzitter heeft: Paul van der

Sterren). De link is:

http://www.maxeuwe.nl/index.php/max-euwe/artikelen/493-euwe-erelid-k-n-s-b

En dan natuurlijk de match zelf. In alle oneven partijen begon Euwe met wit, dus daarmee

opende hij ook de eerste partij. Er werd voor een variatie van openingen gekozen:

  • Geweigerd Damegambiet: partijen 1 (remise), 3 (winst Euwe) en 10 (remise)
  • Spaanse partij: partijen 2 (winst Euwe) en 4 (remise)
  • Nimzo-Indische verdediging: partij 5 (remise)
  • Engelse opening: partijen 6 (winst Euwe), 7 (winst Euwe) en 8 (remise)
  • Benoni verdediging: partij 9 (remise)

De analytici vonden dat Euwe de match won omdat hij zich beter op de tweekamp had

voorbereid dan Donner. Die had een hekel aan studeren. Euwe kwam bijvoorbeeld in elke

partij met een nieuwtje. Daardoor kwam hij er in de eerste 3 partijen beter voor te staan.

Donner kwam in de 4e partij met een nieuwtje. Toen Euwe daarmee werd geconfronteerd,

dacht hij een uur na (!), en met succes, want hij kon het tot remise brengen. Ook in de 5e

partij kwam Euwe met een nieuwtje. En opnieuw dacht hij een uur over een zet na en weer

met succes: dit keer won hij. De Volkrant van 4 januari 1956 jubelde over het spel van Euwe

in de 6e partij: “Een partij van een 54-jarige van deze klasse is uniek in de al zo rijke

schaakliteratuur.” Dat unieke werd betwist door de Argentijnse voormalig schaakkampioen

Pilnik die verwees naar het werk van de oude Lasker (60+) en van de 80-jarige Bernstein.

Pilnik was op weg naar het Hoogovenstoernooi van 1956 bij de schaaktweekamp Euwe-

Donner komen kijken.

Donner gaf de 7e partij na 6 uur spelen op. Zijn 2 geofferde pionnen hadden onvoldoende

uitwerking. Toen Euwe klaar was met zijn analyse na deze partij en om 01.00 uur naar buiten

kwam, werd hij door honderden mensen onthaald op applaus waaruit de populariteit van de

nieuwe Nederlands schaakkampioen bij het publiek wel bleek. Na deze 7e partij stond het al

5,5-1,5 voor Euwe, die daarmee de tweekamp toen al had gewonnen. Ik weet niet waarom

ze de laatste drie partijen toch nog hebben gespeeld, misschien vanwege contractuele

verplichtingen of om financiële redenen.

DtE03

De uitslag van de schaaktweekamp Euwe-Donner werd dus: 7-3. Euwe heeft volgens

analytici eenvoudig gewonnen: hij won 4 partijen en het werd 6 keer remise. U kunt alle tien

partijen en vele andere naspelen. Ze zijn gratis te vinden op: Chessgames.com.

Donner won nooit een schaakpartij van Euwe. Hij kwam nooit verder dan remise, maar

remise tegen ex-wereldkampioen Euwe was op zich natuurlijk al een grote prestatie. Donner

was volgens een journalist na deze match voor zijn doen ongebruikelijk bescheiden:

“Natuurlijk was het beeld een beetje van de leerling die speelt tegen zijn meester. Met

wanhopige gedachten als: ‘Wat zou ik weten wat hij niet al wist?’ en dat is niet per se de

beste gevechtshouding. Bovendien kon ik niets tegen hem beginnen omdat ik in de Leer van

Euwe ben gevormd.’”

En toen: na de match. Kort na deze tweekamp stopte Euwe met zijn actieve

toernooischaakloopbaan. En in 1958 werd Jan Hein Donner grootmeester. De tweede

grootmeester van Nederland. Na Euwe. Euwe, zo’n beetje de enige schaker voor wie Donner

respect had. Opmerkelijk genoeg zouden de twee schaakgrootheden na deze tweekamp om

het Nederlands kampioenschap nog maar twee partijen tegen elkaar schaken, terwijl ze in

de jaren 50 de twee sterkste Nederlandse schakers waren. Die twee partijen vonden plaats

in resp. 1957 en 1958 en ze eindigden beide in remise. Allebei remise. Dat vind ik wel

typerend voor de kracht van Donner. (Bijna) Net zo sterk als Euwe. Want in 1957 en 1958

werd Donner weer Nederlands kampioen. Alleen: Euwe deed niet meer mee….

Tot slot misschien nog een wel leuke quizvraag: wanneer werd Dr. Max Euwe

wereldkampioen schaken? In 1928? In 1935? In 1947? Er zijn meerdere antwoorden

mogelijk….

Bronnen: Schaaksite, YouTube, Wikipedia, diverse krantenartikelen uit 1955 en 1956, Max

Euwe Centrum, Chessgames, Canon van Nederland, Dirk Goes, Max Pam, Silbermann en

Unzicker: Geschiedenis van het schaakspel, deel 2 (1977).